Je weet dat je iets anders moet doen, maar je blijft voor de TV hangen of achter je computer of je doet een minder vervelend klusje. Stel jij ook vaak vervelende klusjes of dingen waar je tegen op ziet uit?

Uitstelgedrag

Uitstelgedrag is voor veel mensen een probleem. Je weet dat je dingen moet doen en het lukt je maar niet om er aan te beginnen. In plaats daarvan doe je nutteloze dingen of in ieder geval minder belangrijke dingen. Wat houd je eigenlijk tegen om gewoon aan de slag te gaan?

Waarom stel je dingen uit?

Meestal stel je dingen uit omdat ze saai of moeilijk zijn. Angst is ook een motief om iets niet te doen of uit te stellen. Misschien zijn er zo veel dingen die moet doen dat je niet kunt besluiten waar je mee moet beginnen en daarom maar niks doet. Of hoor je tot de mensen die wachten tot het laatste moment omdat ze denken dat ze onder druk het beste presteren. Dat laatste is een veelgebruikt smoesje voor uitstelgedrag.

Je maakt het groter dan je is

Hoe langer je iets uitstelt, hoe meer je er tegen op ziet en hoe groter het probleem in je hoofd wordt en hoe meer stress je voelt.

Je vindt dat je er geen tijd voor hebt

Je vindt dat je geen tijd hebt om het klusje te doen. Maar toch besteed je genoeg tijd aan nutteloze dingen, of zit je gewoon niks te doen en geen zin te hebben in wat je zou moeten doen. Geen tijd betekent in dit geval meer geen zin.

Negatieve spiraal

Als je constant dingen uitstelt, dan wordt de berg van rommel, vervelende klusjes en taken die op je wachten wel heel groot. De kans bestaat dan dat je het overzicht verliest en uiteindelijk helemaal niet meer weet waar je moet beginnen. Daar word je niet blij van en het geeft je ook geen goed gevoel over je zelf. Voor je het weet kom je in een negatieve spiraal van grotere lamlendigheid.

Hoe pak je het aan?

  1. Stop met piekeren, denken en chagerijnen over wat je moet doen en begin. Begin, ook al is het met iets kleins. De eerste stap is vaak het moeilijkst.
  2. Begin met een lijstje van dingen die je moet doen en die je wilt doen. Zet de meest dringende zaken boven aan.
  3. Maak een afspraak met jezelf dat je iedere dag iets van het lijstje aanpakt. Te beginnen met het bovenste. Dan heb je het vervelendste al gedaan. Is het iets dat je niet in één dag kunt doen, besteed er dan iedere dag wat tijd aan.
  4. Probeer altijd met het vervelendste klusje te beginnen. Alles wat daarna komt valt dan mee.
  5. Beloon jezelf als je iets gedaan door iets te doen wat je wel leuk vindt.